Controleren stuurkogels/fuseepennen

De hoeveelheid toegestane slijtagespeling: 1 mm boven de eventueel oorspronkelijke speling.Dit geldt voor zowel axiale als radiale speling. Het op de juiste wijze ondersteunen van het  voertuig, zodat de kogel onbelast gecontroleerd kan worden.

Het gebruiken van een hefboom om de axiale speling zichtbaar  te maken.

Het zichtbaar maken van de radiale speling met een spelingdetector of handmatig.

Handmatig controleren !

Bij het handmatig controleren van de radiale kogelspeling, is het van groot belang waar het wiel vastgepakt wordt.
Vaak kan speling niet zichtbaar gemaakt worden wanneer het wiel midden onder en midden boven vastgepakt wordt.Een spelingdetector is een hulpmiddel, waarmee niet elke speling zichtbaar gemaakt kan worden. Ook bij het gebruik van een spelingdetector, blijft het dan ook noodzakelijk om met de hand te voelen of er speling aanwezig is. Om speling in een f usee- of stuurkogel zichtbaar te maken, is het nodig de positie te weten van die fuseekogels of stuurkogel. Aan de hand van de positie van de kogels kan namelijk vastgesteld worden waar het wiel precies moet worden vastgepakt om eventuele speling zichtbaar te maken.

Als voorbeeld hebben we twee soorten wielophangingen uitgewerkt en toegelicht met tekeningen. In de tekeningen
staat 'F' voor fuseekogel en 'S' voor stuurkogel. De pijl geeft aan welk onderdeel in die situatie gecontroleerd wordt.

 
1. Wielophanging met twee draagarmen

Voor de controle van de bovenste fuseekogel (figuur 1a) is het  van belang dat we het wiel laten kantelen om een denkbeeldige lijn door de onderste f useekogel en de stuurkogel. U pakt nu het wiel haaks op deze denkbeeldige lijn  vast. Als het wiel nu met voldoende kracht heen en weer wordt bewogen, zal de radiale speling zeker voelba ar zijn. Let er wel op dat  de auto op de juiste wijze is opgekrik t, zodat de fuseekogel(s) onbelast zijn. A ls de onderste  fuseekogel (figuur 1b) gecontroleerd  moet worden,  dan trek t u een denkbeeldige lijn door de bovenste fuseekogel en  de stuurkogel. Bij de stuurkogel trek t u deze denkbeeldige lijn door de twee fuseekogels  (figuur1c).

 

2. McPherson-wielophanging

Voor de controle van de fuseekogel moet het wiel gekanteld worden om de denkbeeldige lijn die door het bovenste draaipunt van de wielophanging en de  stuurkogel loopt. Dan pakt u het wiel vast, haaks op deze denkbeeldige lijn  (figuur 2a). Om het bovenste draaipunt te controleren, moet er een denkbeeldige lijn door de fuseekogel en stuurkogel lopen. Het wiel moet dan haaks op de deze lijn vastgepakt worden. Om de stuurkogel speling in de  stuurkogel zichtbaar te  maken, pakt u het wiel haaks op de McPherson-poot vast.

Denk er wel aan dat een eventuele radiale speling in een stuurkogel, opgemeten moet worden wanneer de auto op de wielen staat en het stuurwiel heen en weer wordt bewogen.

Figuur 1a Figuur 1b
Figuur 2a Figuur 2b
Figuur 3a Figuur 3b

 

autoweetjes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

©copyright 2006-2010